Waarom burn-out groeit
‘Balance is not better time management; it’s better boundary management’
Groei
Burn-out groeit en wordt om een aantal redenen een steeds groter vraagstuk. De veranderende aard van werk: digitalisering, flexibilisering en prestatiedruk hebben de psychische belasting van werk veranderd. De maatschappelijke cultuur van prestatienormering: de hedendaagse cultuur benadrukt autonomie, succes en zelfoptimalisatie (“je bent wat je presteert”); jongere generaties (millennials en Gen Z) ervaren een sterke “druk om te presteren”, zowel professioneel als persoonlijk.
Vele factoren spelen hierbij een rol:
- De organisatorische context en beleid: personeelstekorten (zorg, onderwijs, IT) vergroten werkdruk en verantwoordelijkheden.
- Psychologische en maatschappelijke bewustwording: burn-out is minder taboe dan vroeger ->> meer herkenning en zelfrapportage.
- De veranderende economie en onzekerheid: onzekerheid en gebrek aan binding versterken chronische stress.
- Post-pandemische effecten: COVID-19 heeft de grenzen tussen werk en privé verder vervaagd, vooral bij thuiswerkers.
- Institutionele factoren: ziekteverzuim door psychische klachten is structureel de grootste verzuimcategorie (CBS/ArboNed: ±35–40%).
Aan staan
De combinatie van hoge prestatiedruk, lange werktijden en onvoldoende herstel zorgt voor chronische spanning — het lichaam blijft in een soort ‘aanstand’ zonder echte rust. Wanneer wordt het tijd dat je in gaat grijpen?
Verantwoordelijk
Het voorkomen van burn-out vraagt om een gedeelde verantwoordelijkheid tussen individu en organisatie. De persoonlijke verantwoordelijkheid ligt vooral bij zelfzorg, grenzen en vroegsignalering — binnen de speelruimte die iemand feitelijk heeft. Herkennen van vermoeidheid, prikkelbaarheid, concentratieproblemen, cynisme of slaapproblemen en realistische zelfreflectie over draagkracht en Niet structureel over de grenzen blijven werken uit loyaliteit of angst maar zoeken naar betekenis en autonomie binnen de functie.
De verantwoordelijkheid van de organisatie ligt bij structurele preventie en vroegsignalering. Hier gaat het bijvoorbeeld om het in kaart brengen en verminderen van werkdruk, onduidelijke taakverdeling, en rolconflicten.
Kikker
Let op het “ slow boiling frog effect”: je merkt niet hoe heet het water wordt , tot het te laat is. Bewustwording is nodig op drie niveaus: fysiek (hoeveel energie heb ik op een schaal van 1 tot 10?); mentaal (kan ik focussen zonder afleiding, of spring ik voortdurend tussen taken?); emotioneel (welke emotie overheerst vandaag (rust, frustratie, leegte, angst)? Begin met eerlijk observeren wat er bij jou gebeurt. Vragen die je jezelf stelt: hoe vaak voel ik me overprikkeld, opgejaagd of emotioneel vlak? Hoe reageer ik op kleine tegenslagen — met kalmte of direct met frustratie/vermoeidheid? Benoem drie hoofdoorzaken van je stress. Herstel vraagt verbinding, niet isolatie.
Literatuur
Eliens, A., H. Woldendorp en A. Jeninga. (2024). Interventies voor goed werk. Het voorkomen en oplossen van burn-out in de gezondheidszorg. SWP
Patrick, S.B. (2025). Corporate Burnout: Recognising the Red Flags